Uitstel ‘pensioenbedrag ineens’ is niet zonder gevolgen
Vrijdag 12 juni 2026Het kunnen opnemen van 10 procent van het pensioen als ‘bedrag ineens’ is al acht keer uitgesteld. Terwijl het een belofte was in de nieuwe pensioenwet. 1 januari 2029 is nu de streefdatum voor invoering. Over dat telkens opnieuw verschuiven van de datum wordt te makkelijk gedaan, vindt pensioendeskundige Jacintha van Bijnen. “Die 10 procent is uitgesteld loon. Hoe redelijk is het dan als mensen daar zelf over mogen beslissen?”

En wéér is het mogen opnemen van een bedrag ineens bij start van de pensionering uitgesteld. Terwijl het toch zo duidelijk in de nieuwe Wet toekomst pensioenen (Wtp) staat: deelnemers krijgen een keuzeoptie waarmee ze bij hun pensionering maximaal 10 procent van het opgebouwde ouderdomspensioen in één keer kunnen opnemen. Ze mogen dit geld vrij besteden, bijvoorbeeld voor het aflossen van een hypotheek of een grote aankoop.
Dit zogenaamde ‘bedrag ineens’ werd gepresenteerd in 2021. De invoering zou bij de aanvang van 2022 zijn. Toen werd het 2023, en 2024, en 1 juli 2025 en vervolgens 1 juli 2026. Maar ook die datum wordt niet gehaald. Nu is de beoogde datum voor de invoering van het beloofde ‘bedrag ineens’ 1 januari 2029.
Niet zonder gevolgen
“Over het telkens weer uitstellen van die datum wordt nogal makkelijk gedaan”, vindt Jacintha van Bijnen (foto). Jacintha is strategisch pensioenadviseur bij financieel dienstverlener Aon. “1 januari 2029 is inmiddels de achtste streefdatum. En ik vraag me af of het dan daadwerkelijk gaat gebeuren. Dat we op onze pensioendatum ervoor mogen kiezen om 10 procent van ons gespaarde pensioenkapitaal ineens op te nemen. Alleen wordt er wel voorbijgegaan aan de gevolgen van dit constante uitstel. Mensen hadden erop gerekend, al vanaf 1 januari 2022. Nu gaat het feest niet door en dat is niet per definitie zonder gevolgen. Te denken valt bijvoorbeeld aan alle Nederlanders met een aflossingsvrije hypotheek. Maar daar wordt niet aan gedacht.”
Problemen met administratie
Wat zijn de achterliggende redenen voor dit voortdurende uitstel? “Om te beginnen is er wat gedoe over kleine operationele aanpassingen waardoor de wet moet worden aangepast”, legt Van Bijnen uit. “Verder geven de pensioenfondsen aan dat ze de administratie niet aankunnen. Dat is niet nieuw. Veel fondsen – en met name hun administrateurs – worstelen al genoeg met de invoering van de Wet toekomst pensioenen. In de praktijk zijn de keuzes voor de invulling van de solidaire premieregeling, de SPR, zeer beperkt. Waar de wetgeving relatief veel flexibiliteit biedt, worden pensioenfondsen en betrokken sociale partners zwaar beperkt door de administrateurs die vanuit operationele afwegingen slechts een klein aantal opties bieden. Om over de uitdagingen rondom de flexibele premieregeling met risicodelingsreserve maar niet eens te spreken. Moet dit een zodanige invloed hebben op de invoering van het ‘bedrag ineens’? In mijn optiek niet. Onder druk wordt alles vloeibaar, zonder druk kiest men om andere zaken voorrang te geven.”
Weinig opties
Jacintha van Bijnen constateert dat er slechts weinig opties voor het ‘bedrag ineens’ worden aangeboden omdat er zorgen zijn over goede keuzebegeleiding. “Oftewel: men is bang dat wij niet de goede keuzes maken en daarna met de consequenties geconfronteerd worden”, zegt ze. “Er moet eerst weer een heel verplicht circus worden opgetuigd met communicatie die niemand begrijpt. Want laten we eerlijk zijn: de brieven die de AFM, de Autoriteit Financiële Markten, voorschrijft voor de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel zijn slechts voor een zeer beperkte groep mensen begrijpelijk. Kort gezegd: het probleem is paternalisme. Er bestaat twijfel of de Nederlander wel in staat is verstandige financiële beslissingen te nemen.”
Aflossingsvrije hypotheken
Van Bijnen bekijk het van de andere kant: “Ongeveer twee op de drie Nederlanders met een hypotheek heeft deze geheel of gedeeltelijk aflossingsvrij. Bijna 45 procent van de totale hypotheekschuld is aflossingsvrij. Dan hebben we het over meer dan 350 miljard euro. Dat is geen verwaarloosbaar bedrag. Daarbij is dit niet evenredig verdeeld over de generaties. Juist Nederlanders kort voor hun pensioendatum hebben voor het overgrote deel een aflossingsvrije hypotheek. Dit leidt nu al regelmatig tot problemen bij het aflopen van rentevaste periodes.”
De totale pensioenpot in Nederland bedraagt tussen de 1.500 en 2.000 miljard euro. “Met 10 procent daarvan kunnen we dus een groot deel van de aflossingsvrije hypotheken betalen”, rekent Van Bijnen voor. “En ja, die 10 procent mag je alleen op de pensioendatum opnemen – waarom eigenlijk? – en het zijn niet per se de mensen met een hoog pensioenkapitaal die ook een hoge aflossingsvrije hypotheek hebben. Al is er wel een verband, aangezien er getoetst wordt aan inkomen bij een hypotheek en ook aan de hoogte van het pensioen als de hypotheek na de pensioendatum doorloopt. Maar grosso modo zouden we een stuk verder zijn.”
Zelf beslissen
“Als we breder kijken zou het ook niet onlogisch zijn om het – voor iedereen – mogelijk te maken om 10 procent van het totale pensioenkapitaal op te nemen”, vervolgt Van Bijnen. “Ten eerste heeft het kabinet grote moeite de begroting rond te krijgen. Over het pensioenkapitaal dat zou vrijkomen moet nog inkomstenbelasting worden betaald, dus dat is mooi meegenomen! Ten tweede is bij sommige pensioenfondsen de eigen bijdrage 10 procent of meer. Dat is heel veel, zeker aangezien het vaak medewerkers met een zwaar beroep betreft en relatief lage salarissen. Dan hoeven we ons blijkbaar geen zorgen te maken of ze genoeg te besteden hebben. En ten derde: die 10 procent is uitgesteld loon, net als de rest van het pensioen. Hoe redelijk is het dan als mensen daar zelf over mogen beslissen?”
Voorwaarden stellen
“Een idee zou zijn om voorwaarden te stellen aan hoe het geld besteed wordt of de belastingdruk daaraan te koppelen”, oppert Van Bijnen. “Investeringen in een huis, afbetalen van schulden, inclusief hypotheek, dragen ook bij aan het vergroten van het besteedbaar inkomen voor en na pensionering. De prijzen lopen op en de huidige geopolitieke omstandigheden in Oekraïne, Gaza, Jemen en Iran versterken dat effect. De benzineprijzen zijn daar een goed voorbeeld van. Als mensen eenmalig 10 procent van hun pensioenkapitaal mogen opnemen, dan wordt de noodzaak van maatregelen op dat gebied ook minder. Immers, het is vooral zaak mensen die bijdragen of bijgedragen hebben te compenseren voor de hoge benzineprijzen. Die hebben veelal ook pensioen opgebouwd.”
Grote gevolgen
Het ‘bedrag ineens’ verdient veel meer aandacht dan het krijgt, besluit Van Bijnen. “Het is niet een kleine randzaak; het kan grote gevolgen hebben. Het is zaak hier een weloverwogen maatschappelijke discussie over te voeren, en dan voor eens en altijd te beslissen om de wet per ommegaande in te voeren, of in het geheel niet in te voeren of zelfs te verruimen.”
Gerelateerde artikelen

Geniet van alle ONS-voordelen als lid:
✔ Ontvang 11x per jaar het print magazine ONS
✔ Ontvang 12x per jaar het ONS Mailmagazine
✔ Iedere dag 8 verschillende puzzels maken
✔ Er op uit met voordeel
✔ Veel keuze uit aanbiedingen







